Waarvoor te kiezen? Sparen of beleggen, of gewoon niets?

Verzorgingsstaat
Er wordt van oudsher voor van alles gezorgd in ons land. We kennen een absoluut respectabel voorzieningenniveau op tal van gebieden. Dat zij gezegd. Maar er zijn ook tekenen dat de bomen niet tot de hemel groeien. Neem bijvoorbeeld ons pensioenlandschap. Een onderwerp waar de burger zich in het algemeen helemaal geen zorgen over maakt. Men piekert er gewoon niet over. Het komt later vanzelf wel goed. We krijgen tenslotte allemaal onze AOW en daarnaast hebben we pensioen opgebouwd; dus denkt nog geen kwart van de bevolking over het inkomen op de oude dag. Bovendien heeft men tegen die tijd vaak minder kosten als de rustige fase van het leven is aangebroken. We zien het wel.

Dat er voor ons gezorgd wordt is echter steeds minder vanzelfsprekend. We zijn met z’n allen aan het minderen. De wetgever schuift de AOW-leeftijd op. Werkgevers hebben door de jaren heen op basis van alsmaar toenemende lasten de nodige pensioenregelingen versoberd. Er zijn steeds meer niet-werknemers, die niet op een regeling kunnen terugvallen, waardoor toekomstige aanspraken minder worden door het aantal niet verzekerde jaren of andere mankementen in de opbouw. Geen premie, derhalve ook geen pensioen, dat is vrij duidelijk. Het is voor eenieder daarom verstandig te overwegen om op een of andere manier zelf voor een aanvulling te zorgen.

Sparen of beleggen
Argumenten die vrijwel direct door voorstanders van sparen worden genoemd zijn doorgaans:

Ik wil zelf de beschikking houden over mijn eigen geld. Je kunt lang niet iedereen vertrouwen als het om geld en vermogen gaat. Ik wil altijd zelf kunnen bepalen wat ik er mee zal doen en wanneer. Ik wil er altijd bij kunnen.

Geen haar op mijn hoofd denkt aan beleggen. Een gewoon mens snapt er toch veel te weinig van en iedereen die je wel zegt te kunnen helpen, wil er gewoon met je centen vandoor. Trouwens, in deze rare tijden loop je volgens mij alleen maar heel veel risico. Ik wil dat niet en ga me er zeker niet in verdiepen.

Natuurlijk kent iedereen wel een of meer voorvallen, die als voorbeeld kunnen dienen. Er is dus niets mis met sparen. En over je eigen geld kunnen beschikken is een groot goed. Er is echter één belangrijke kanttekening: Sparen levert nauwelijks rendement van betekenis. Maar wie er de voorkeur aan geeft, maakt gewoon zijn eigen keuze. Prima. De voorkeur voor sparen haalt driekwart van de stemmen, was recent te lezen.

Dat betekent dan dat een kwart van de stemmers wel voor beleggen voelt. Toch komen de argumenten bij voorstanders van beleggen bijna overeen met de spaarders, zoals bij voorkeur de beschikking houden over het eigen vermogen of – het zorgvuldig vermijden van te grote risico’s of – eigenlijk snap ik er te weinig van en ik zie er tegenop om me er in te gaan verdiepen en ga zo maar door. Er lopen dus de nodige parallellen in de beslislijn. Het grote verschil ontstaat door het argument dat sparen in de ogen van de voorstanders van beleggen te weinig oplevert. Dat betekent overigens niet dat de andere overwegingen geen rol spelen; daarom komt men ook niet gemakkelijk tot een keuze. Daarnaast telt voor velen het op en neer gaan van koersen mede als een risicofactor van betekenis.

De horizon telt
De keuze is altijd aan u. Als sparen vertrouwd voelt, u gemakkelijk over uw saldo kunt beschikken en het rendement u aanstaat, is het voor u voor elkaar. Bij de overweging voor beleggen komen er ook nog wat andere zaken aan de orde.

Belangrijk is in elk geval om vooruit te kijken naar uw beleggingshorizon. Omdat koersen inderdaad fluctuaties vertonen is het van belang dat u de tijd in uw voordeel kan laten werken. Zie het als volgt: Een opgebouwde portefeuille kent een koersniveau wat dagelijks kan muteren aan de ene kant, en genereert verkoopresultaten aan de andere kant. De resultaten bepalen het jaarlijkse rendement. Het koersniveau wisselt van dag tot dag, door de jaren heen. Als dit niveau schommelt tussen de 80% en 105% van de aankoopwaarde van de effecten, maar de verkopen leveren een rendement op van bijvoorbeeld 5% in het jaar, dan zal uw vermogen zich aangenaam ontwikkelen. Immers, over een jaar of 5 is de portefeuille nog steeds op dit koersniveau, maar heeft deze inmiddels wel 5 jaren 5% rendement opgeleverd. Zo kunnen we ook denken aan 10, 20 of meer jaren.

Uitsluiten van risico is echter nooit aan de orde; met dat gegeven leeft elke belegger.

Posted in Weekbericht Tagged with: , , ,